Iedereen kan een Wijk van de Toekomst beginnen

Het begint vaak met één of meer initiatiefnemers die het idee oppakken om de wijk aardgasvrij te maken. Dat kan een bewonersinitiatief zijn, maar ook een corporatie, de netbeheerder of de gemeente. De aanleiding kan verschillen. Van gedreven bewoners die hun wijk toekomstbestendig willen maken, de netbeheerder die ziet aankomen dat de gasleiding versleten is, de corporatie die voor een renovatieopgave staat tot de gemeente die gepland heeft om het riool te vervangen of de leefbaarheid in de wijk te verbeteren. Om een wijk effectief aardgasvrij te kunnen maken zullen alle belanghouders op den duur betrokken moeten zijn. Want je hebt elkaar nodig om keuzes te maken en beslissingen te nemen.

Wijk van de Toekomst

Vind medestanders, creëer betrokkenheid

In de initiatieffase zoekt de initiatiefnemer ‘medestanders’, partijen die direct of indirect belang hebben in de wijk en open staan voor het idee om de wijk aardgasvrij te maken, eventueel gecombineerd met andere verbeteringen
in de wijk. Als de initiatiefnemers elkaar vinden in het idee van een aardgasvrije wijk, dan vormen ze samen een wijk-kernteam en kunnen ze starten met de oriëntatie op de mogelijkheden en haalbaarheid. Dit wijk-kernteam bestaat (uiteindelijk) uit alle belanghouders in de wijk. Afgestemd op de specifieke situatie in de wijk inventariseert het wijk-kernteam wat er speelt, werkt ideeën uit, bereidt plannen voor en organiseert betrokkenheid en draagvlak in de wijk.

In de praktijk zijn er veel wegen die naar een (aardgasvrije) wijk van de toekomst kunnen leiden. Het proces van start tot uitvoering verloopt globaal gezien in vier fasen, van grof naar fijn, in onderstaande volgorde:

Fase I
Initiatieffase
Fase II
Oriëntatiefase
Fase III
Haalbaarheids- en planfase
Fase IV
Uitvoeringsfase

Hoe begin je een Wijk van de Toekomst?

We gaan graag in op de vraag hoe je kunt starten met een wijk van de toekomst. Onderstaand stappenplan kan initiatiefnemers helpen bij een eerste stap, het starten van een ‘wijk van de toekomst’.

De stappen volgen elkaar min of meer logisch op, maar kunnen ook gelijktijdig of willekeurig worden aangepakt.

  1. Ga na welke partijen direct belang hebben in de wijk:
    • ‘Wijkbewoners’, iedereen die in de wijk gevestigd is; huurders, particuliere huiseigenaren en lokale ondernemers en instellingen zoals winkeliers, horeca, mkb, scholen of gezondheidscentra.
    • Partijen met een belang of rol in de wijk, maar die elders gevestigd zijn zoals de gemeente (verschillende afdelingen), de netbeheerder, woningcorporaties of sociale en commerciële verhuurders.
  2. Neem initiatief om de belangrijkste (potentiële) medestanders te benaderen met de vraag of zij het initiatief steunen om samen te onderzoeken of het haalbaar is om de wijk aardgasvrij te maken. Vorm met medestanders een eerste initiatiefgroep.
  3. Ga met de initiatiefgroep na hoe de wijk in elkaar zit, wat er in de wijk speelt en welke kansen of knelpunten zich voordoen. In dit stadium gaat het om een ‘snelle’ inventarisatie en analyse die leiden tot een globaal, integraal beeld van de wijk:
    a. Wat zijn de demografische en sociaaleconomische kenmerken van de wijk? Denk aan de leeftijdsopbouw of opleidings- en inkomensniveau.
    b. Hoe zit de sociale structuur van de wijk in elkaar? Denk aan organisaties en verenigingen.
    c. Wat zijn de technische kenmerken van het vastgoed in de wijk en de boven en ondergrondse infrastructuur?
    Denk ook aan eigendomsverhoudingen van het vastgoed.
    d. Wat is het energiegebruik van het vastgoed en de wijk? Denk aan aardgas, elektriciteit en warmte.
    e. Wat speelt er op beleidsniveau in de wijk? Denk aan  renovatieplannen van corporaties, vervanging van infrastructuur, energie- en/of warmteplannen, mobiliteit, klimaatadaptatie en vraagstukken in het sociale domein.
    f. Ga na wat de visie is van de lokale politiek met betrekking tot het aardgasvrij maken van wijken c.q. de gemeente.
  4. Maak met de initiatiefgroep een eerste beoordeling van de kansen om de wijk aardgasvrij te maken, al dan niet in combinatie met het aanpakken van andere vraagstukken in de wijk.
  5. Als de initiatiefgroep de kans groot genoeg acht dat het kan lukken om de wijk aardgasvrij te maken, neem dan contact op met het Gelders Energie Akkoord om voorgaande analyse te bespreken.
  6.  In overleg met de initiatiefgroep schat het Gelders Energie Akkoord (GEA) in of de kans reëel is dat de wijk op afzienbare termijn daadwerkelijk aardgasvrij gemaakt kan worden.
  7. Een wijk wordt ‘wijk van de toekomst’ als de initiatiefgroep en GEA de kans reëel inschatten dat de wijk op afzienbare termijn daadwerkelijk aardgasvrij gemaakt kan worden. Het is een pre als het profiel van de wijk nieuwe elementen toevoegt aan het totale palet van wijken van de toekomst en het leerproces dat zij doormaken. Denk hierbij aan een vernieuwende aanpak ten opzichte van bestaande wijken van de toekomst, een andere woningtypologie en geografische spreiding.
  8. De initiatiefgroep van de nieuwe wijk van de toekomst start daarna met de oriëntatiefase (I), gevolgd door de haalbaarheids- en uitvoeringsfase (II) en de uitvoeringsfase (III).